Gekapseisd in een zee van tijd…

Wie schrijft, die zwoegt. Het is de titel van een artikel in een literaire publicatie van een cultuurvereniging. En ik kan het alleen maar beamen.

Een joekel van een cliché is het, dat mensen met pensioen tijd te kort hebben. Maar ik pleit schuldig want wat schrijven betreft, de blog ging afgelopen zomer kopje onder.

Dat een zee van tijd contraproductief kon zijn had ik niet zien aankomen… Ik kan er ook moeilijk de vinger op leggen. Ik weet niet waarom het ineens niet meer lukte, het schrijven van de blog zoals ik al sinds 2015 doe.

Zou Polarsteps er voor iets tussen zitten, dat leuke medium om een reisdagboek bij te houden? Zo gebruiksvriendelijk die app die tekst, foto’s én een reisroute op een wereldkaart combineert.

Een tijdje gebruikte ik deze naar mijn gevoel heel verschillende media naast elkaar. Polarsteps is letterlijk een dagboek waarmee je chronologisch je reisverhaal opbouwt. Het bloggen werkt anders. Daarin vormen het leven aan boord en het reizen met de boot het kader waarbinnen losse stukjes ontstaan. Een voorval onderweg kan een uitgangspunt zijn, gecombineerd met herinneringen, associaties, gemijmer. Reisindrukken waar zoveel ballast is uitgezakt dat een uitgekristalliseerde essentie overblijft. De expressie van impressies, subjectief en gekleurd. En vooral geen schools verslag.

Helaas bleek beide combineren minder vanzelfsprekend dan gedacht en haalde de Polarsteps het van de blog. Zou het aan het gebruiksgemak van de Polarsteps app liggen, waarin je de ervaringen van de dag neerzet, er foto’s bij mikt en klaar? Ook als je offline bent… Van zodra je internet hebt, zet je met een klik alles online. Toegegeven, het vraagt wel discipline om ‘bij’ te blijven maar het creatieve denkwerk valt mee. Voor de blog is schrijven wel eens zwoegen. Binnen een afgemeten kader een bij voorkeur niet rechtlijnig verhaal brengen waar geen woord te veel in staat. Foto’s kiezen waarbij de interactie met de tekst het criterium is…

Toen ik in oktober besefte dat de blog al maanden geleden pijnlijk gestrand was, waagde ik me dapper aan een inhaalbeweging. Kon toch niet moeilijk zijn? Documentatie genoeg, de Polarsteps, ons logboek, reisbrochures en nog een handvol losse schrijfsels als inspiratiebronnen. Maar het werkte niet. Bovendien schrijf ik het liefst in de tegenwoordige tijd. Wat maanden na de feiten wrong dat het kraakte….

Als ik het een vriendin verzuchtend vertel, oppert zij dat misschien precies door het langdurig reizen de ruimte voor tussentijdse reflectie ontbreekt. Vorig jaar zeilden we in vijf maand van Noorwegen naar de Shetlands, naar de Faeröer, vervolgens rond Ijsland en ten slotte naar Schotland. Zoveel indrukken, elke dag opnieuw. Er waren geen leegtes, geen adempauzes. Ook al bleven we geregeld enkele dagen ter plaatse, of lagen een tijdje verwaaid. Maar om me in bloggen te verdiepen leek het nooit genoeg…

Omdat ik daar nu spijt van heb, wil ik me dit jaar aan een doorstart wagen.

Maar het gat dat in de blog is gevallen, wil ik eerst nog dichten met een terugblik op onze prachtige zeilreis van 2023.

Daarvoor drop ik eerstdaags vier korte blogposts met filmpjes van de gevaren trajecten en een ultrakorte samenvatting. Of nee, vijf. Want één tekst over onze oversteek van de Faeröer naar Ijsland wil ik jullie niet onthouden…

Wie alsnog benieuwd is naar alle details kan terecht op, je raad het al, Polarsteps.

Of op de website van Zeilhelden, waar ik in een aantal stukken ons verhaal vertel.

Bloggen in stijl in de RN&SYC

The Royal Norfolk & Suffolk Yacht Club in Lowestoft. Een ronkende naam die naar donkerblauwe blazers met koperen knopen klinkt. Mét bijbehorende club tie. 157 jaar geschiedenis. Britain’s most easterly yacht club. Maar de sfeer is zomers en ontspannen, ik zie niemand in hemd en blazer.

Bij het binnenkomen in dit monument trekt een schilderij in het blauw/roze salon -blauw het dikke tapijt met embleem, roze de muren en gordijnen- mijn aandacht. Iemand van de club komt meteen naar me toe, helemaal in zijn nopjes vanwege mijn interesse en vertelt niet zonder trots dat dit een schilderij is van de blijkbaar gerenommeerde Edward Seago. What’s in a name…

En nu zit ik hier met mijn laptopje, aan de glanzend gepolitoerde tafel, achter mij staan blinkende bekers en trofeeën glimmend in een glazen kast uitgestald, het geboende parket met visgraatmotief kraakt onder mijn voeten. Voor me een geurig boeket verse bloemen. Overal schilderijen, schaalmodellen van zeiljachten, foto’s van wedstrijden met ranke schepen op wilde zeeën, lang lang geleden.

Bloggen was nergens zo stijlvol als hier. Tijdens deze reis was ik op de gekste plekken om mijn schrijfsels online te krijgen. In Scarborough was het nog simpel, daar blogde ik in de King Richard III, een bruine pub. Bij een snelle hap, een bord frieten met kaas, raar maar verbazend lekker.

In Peterhead was het beste plekje voor internet het kantoor van de havenmeester. Ik schoof gezellig bij aan zijn bureautje. Toen hij even weg moest, mocht ik blijven. Hij zei dat hij normaal gezien altijd de deur sloot, maar als ik beloofde dat ik er bleef zitten kon het wel. Als ik wou, mocht ik ook de telefoon opnemen…

En dan Kirkwall, Orkney. We lagen aan het eind van het ponton en het internet strekte niet zo ver. Beste plek was de container met douches en toiletten. Met mijn laptop op het toilet gaan zitten vond ik echt niet kunnen. Het werd dan maar het bankje in de douchecabine.

In afwachting van internet, tikte ik gewoonlijk mijn tekstjes al uit in Word. Maar soms, na een paar dagen zonder walstroom, vond ik het bijna zonde om de generator de stilte te laten verbrijzelen alleen voor wat stroom. Pen en papier dan maar. Ik was bijna vergeten hoe leuk gewoon ouderwets schrijven is…

Op het eiland Westray, in Orkney, vroeg ik de havenmeester naar wifi. Lachend schudde hij het hoofd. ‘Hier is nergens wifi,’ en dan fluisterend ‘… behalve in mijn huis.’ Om samenzweerderig te vervolgen: ‘Maar je krijgt de code.’ En zo ging ik met mijn laptop in zijn voortuintje op het bankje tegen de gevel zitten. Met een paraplu boven mijn hoofd. Tegen de zon in mijn scherm.

Af en toe lukte het met het beloofde internet helemaal niet, zoals in de Lerwick Boating Club. Maar de bibliotheek en het museum hadden dan weer flitsend snel internet.

In Arbroath ging de laptop mee op restaurant. Nee, ik tokkelde niet tijdens het eten, maar wachtte tot de koffie om mijn blogpost online te zetten. Het werd al wat laat, het restaurant liep leeg, nog niet alle foto’s waren geüpload, toe, doe nog maar een koffie. En nog een… De ober had geduld, mijn artikel raakte af, maar later in bed kon ik de slaap niet vatten…

En nu, hier in Lowestoft, op het eind van een warme zomerdag, is het zalig schrijven. Een koele gin-tonic bij de hand.

Rondom mij ademt het gebouw zijn zeilgeschiedenis…