Een zeemansgraf van ijs

1 december 2017, minder dan een handvol graden is het buiten. Het seizoen van korte dagen en lange avonden, perfect voor een ijzig verhaal.

‘Er bestaat geen slecht weer, alleen slechte kleding.’ Dat zeggen ze in Scandinavië en ik denk wel dat zij het kunnen weten. Ook op een boot is het feit, je moet verdorie goed gekleed zijn om het bij bar weer leuk te houden op de Noordzee. Warm en droog blijven is de kunst. Op onze laatste zeiltocht van het seizoen – begin november- valt het weer best mee voor de tijd van het jaar. Mijn recept is thermisch ondergoed als eerste laag, een warme fleece als tweede laag en een zeilpak als derde laag, aangevuld met sokken, laarzen en mijn handgebreide Fair Isle wollen muts. We staan er soms niet bij stil, maar vandaag de dag zijn we verwend met nieuwe materialen die niet alleen warm maar ook nog eens vederlicht zijn, eenvoudig te wassen en snel weer droog. Die hoogtechnologische dingen zorgen er zelfs voor dat zweet er uit kan en regen er niet in. Die luxe hadden de bemanningen van de HMS Terror en HMS Erebus niet, twee zeilschepen van een Britse expeditie die meer dan 170 jaar geleden op zoek ging naar de fel begeerde Noordwestelijke doorvaart

‘Death in the Ice’, een knappe tentoonstelling in het Greenwich Maritime Museum brengt dat ijzige verhaal. Na een herfstige zeiltocht naar Dover hebben we de trein naar Londen en de metro naar Greenwich genomen. Een stevige brok maritieme geschiedenis. De Cutty Sark bezochten we al, maar de vaste collectie van het scheepvaartmuseum wil ik wel graag zien. We komen er niet aan toe, de tijdelijke expo over de poolexpeditie van Sir John Franklin is zo beklijvend dat we er tot sluitingstijd blijven hangen…

In 1845 vertrokken twee schepen, goed uitgerust voor een tocht naar het onbekende Noorden. Maar HMS Terror en HMS Erebus vaarden zich vast in het ijs. Er gingen twee jaar voorbij, van de bemanning werd niets meer gehoord.

Expeditie na expeditie werd er op uitgestuurd. En leidden hun zoektochten niet tot de vondst van de twee verdwenen schepen, ze zorgden er wel voor dat heel wat nieuwe  stukken land uit dat gebied in kaart konden worden gebracht.

Helemaal spoorloos was het team van Sir John Franklin niet verdwenen. Soms werden gebruiksvoorwerpen en documenten teruggevonden. Zelfs een reddingssloep met menselijke resten werd ontdekt. En heel recent, na jaren van niet aflatend onderzoek, zijn in 2014 en 2016 beide schepen teruggevonden, allebei in verbazingwekkend goede staat. Nog lang niet alles wat er met de arme zeelui is gebeurd, is achterhaald, de expo belicht die historische zoektocht van bijna 170 jaar.

Wat me verrast is de rol van de Inuit in die zoektocht.

Omdat zij een heel eigen taal hadden waar geen schrift bij hoorde zoals wij dat kennen, was mondelinge overlevering voor hen erg belangrijk. Ze ontwikkelden er een sterk geheugen door, hun verhalen zaten vol details en werden met de grootste zorg doorgegeven. En precies die getuigenissen verhaalden keer op keer hoe de ‘witte mannen’ hun schepen verlaten hadden en met sleden op weg waren gegaan. Er waren ook plaatsaanwijzingen, maar daar werd weinig geloof aan gehecht. Maar tijden veranderen en men begon in te zien hoe waardevol hun overlevering wel kon zijn. Uiteindelijk leidde dat mee tot de vondst van de scheepswrakken. De expo besteedt ruim aandacht aan die mondelinge traditie van de Inuit.

Mij treft de beschrijvingen van hoe vreemd gekleed de Inuit de ‘witte mannen’ wel vonden, met ‘hun hoed niet bevestigd aan hun jas’. Dat vonden ze zo gek, dat het een vast onderdeel werd van hun verhalen. Het maakt duidelijk dat de kleding van de Britse bemanning helemaal niet geschikt was voor het ijzige poolklimaat en dat dit mee de oorzaak was van hun uiteindelijke dood in het poolijs…

Wanneer we ’s anderendaags heel vroeg de zee op gaan, trek ik de kap van mijn jas stevig over mijn muts… Verhalen vol details, onderschat ze niet…

“Hebben jullie het getij wel gezien?”

3 november 2017

In de 17de eeuw hadden Britse zeelui het op hun oude dag niet benijdenswaardig gemakkelijk. Na een hard leven op zee raakten ze vaak aan de bedelstaf. Werden ze ziek, dan zag het er voor hen ronduit rampzalig uit. Queen Mary II wou daar verandering in brengen en besloot tot de bouw van een maritiem hospitaal. Meer zelfs, het zou ook een soort van woon- en zorgcentrum voor gepensioneerde zeelui worden. Een beetje eigenbelang speelde mee. Enerzijds zou een prestigieus bouwproject aan de oevers van de Thames de nodige glans geven aan haar carrière als koningin -niemand minder dan Christopher Wren werd aangesteld als architect-, anderzijds was het publiciteit voor een job bij de Navy, al was het maar omdat je daar tenminste verzekerd was van een rustige oude dag… Helaas voor Queen Mary II heeft ze dit niet mogen meemaken, ze stierf aan de pokken nog voor de eerste steen gelegd was. Maar haar illustere gemaal, koning Willem van Oranje, zorgde er voor dat het gebouw er kwam. Het werd zo mooi dat her en der schande gesproken werd dat simpele zeelui dit schitterende paleis bevolkten..

Dik 300 jaar later. De Thames stroomt nog altijd door Londen, Greenwich ligt nog altijd waar het toen lag. De zeelui verblijven hier niet meer. En van de skyline aan de overkant zouden Mary en Willem staan kijken.

En wij, wij staan te kijken van de restauratiewerken die hier, aan de painted hall ceiling van het Old Royal Naval College aan de gang zijn. 300 jaar stof, roet en vuil worden vierkante centimeter per vierkante centimeter met engelengeduld verwijderd. Voor 10£ klim je 70 treden de stellingen op tot vlak onder het plafond, de imposante schilderingen op armlengte boven je hoofd. Een vrijwilliger gidst je met liefdevolle uitleg langs de barokke taferelen. Zo mooi kan geschiedenis zijn. Zo mooi ook muziek van Henry Purcell uit die tijd…

Ja, inderdaad, we zijn in Londen! En onze boot ligt in Dover, daar zeilden we op 1 november naar toe. Ik weet het, enige verwarring is begrijpelijk. Vorige week kondigde ik nog het onverwacht vroege einde van ons zeilseizoen aan en nu zijn we hier? Het zit zo…

Door de renovatiewerken in de haven zouden we eerder dan gewoonlijk uit het water gaan. Voor ons was 26 oktober 13h00 geprikt. Een blik op de getijtafels, enkele dagen voor die dag, doet ons de wenkbrauwen fronsen. “Hebben jullie het getij wel gezien?” Laagwater? Nee, toch, dat moet een vergissing zijn, laagste laagwater is niet het moment om uit het water te gaan. En zo komt het dat het einde van ons vaarseizoen uitgesteld wordt met twee weken. En kijk, van 1 tot en met 5 november wordt goed zeilweer voorspeld, de temperatuur valt mee, de wind zit goed, we kunnen nog een lang weekend weg… Nog maar eens het bewijs dat strak plannen en zeilen niet samengaan. Wat vorige week niet wou lukken, kan nu plots wel. En dit door een fijn misverstand!

1 november 2017

De zuidenwind die voorspeld was, is voor de verandering nog maar eens zuidwest en het wordt motorzeilen naar Dover. Kort voor zonsopgang vertrekken we en net wanneer de zon ondergaat komen we aan.

We besluiten een dagje in Dover te blijven, boeken een trein naar Londen, heen op vrijdagmiddag en terug op zaterdagavond. Zondag zeilen we naar huis.

Het heerlijke herfstweer op 2 november lijkt in niets op wat we een week eerder over ons heen kregen. Het is zonnig en zacht als we met de fietsjes naar een verrassend stukje Dover rijden, het natuurgebied Samphire Hoe. Bij de aanleg van de tunnel onder het Kanaal eind jaren 80, moest men een plek vinden voor de uitgegraven kalk, bijna 5 miljoen kubieke meter. Dat werd een stuk grond aan de voet van de kliffen ten westen van Dover. Eens alle werken er beëindigd waren nam de natuur het over en met de jaren is Samphire Hoe een natuurgebied met een rijke biodiversiteit geworden. De fietstocht waard.

En op zondag, na twee dagen Londen, zeilen we bij het krieken van de dag met een strakke westnoordwest terug naar Nieuwpoort. We vertrekken tegenstroom waardoor we helemaal verzet worden in zuidwestelijke, lees: verkeerde richting. Zo zullen we niet snel thuis raken.. Als we de eerste traffic lane netjes haaks op kompaskoers overgestoken hebben ziet onze gevaren track er een stuk minder haaks uit. Maar het tij keert en met wind én stroom mee wordt de verloren tijd snel goed gemaakt.

In de late namiddag beginnen dikke wolken zich samen te pakken en vlak voor de haveningang van Nieuwpoort vallen de eerste druppels. Snel rollen we ons grootzeil in, nu het nog droog is.

Einde vaarseizoen…

BewarenBewaren

Mag ik het over Londen hebben?

Hemelvaart 2017

Naar Londen zeilen met Hemelvaart, een aantal jaren geleden zijn we het beginnen doen. Met een boot of drie, vier, wisselende gezelschappen. Elke keer is anders, elke keer ontdekken we nieuwe dingen. Ook nu. Stof voor een stukje.

Maar mag ik het over Londen hebben, nu -amper een week later- die dynamische stad nog maar eens is opgeschrikt door gruwelijke terreur? Moeten we treuren en zwijgen, en overwegen om er niet meer te komen? Of mag ik het over het Londen hebben, over die multiculturele, bruisende stad met zoveel gezichten? Ik denk dat ik het over Londen moét hebben. Over deze stad die niet klein te krijgen is, die zichzelf opnieuw uitvindt, keer op keer.

Net zoals de tachtigjarige kunstenaar David Hockney aan wie Tate Britain een grote overzichtstentoonstelling wijdt. 60 jaar uitbundige creativiteit, dat wil ik graag zien. Nee, ik heb nog geen tickets. Met een zeilboot weet je nooit, storm, pech, misschien raak je zelfs niet in Londen.. En dus queuen we geduldig, very british indeed.

En dan is daar, temidden van indrukwekkende schilderijen, tekeningen en collages, dat verrassend video kunstwerk, The Four Seasons, Woldgate Woods. Op vier wanden telkens negen schermen met hetzelfde landschap, in elk seizoen. De beelden zijn gemaakt vanuit een rijdende auto en zuigen je traag hypnotiserend mee. De traagheid is ontroerend, de seizoenen onverstoorbaar volhardend. Alles herbegint. Altijd.

Onze tochten naar Londen zijn nooit hetzelfde. Dit keer is de zon brandend van de partij, en ontbreekt de wind. Helemaal. We tuffen lange uren.

Geen wind betekent plat water in de Thamesmonding. Zo plat dat mijn schipper in afwachting van het getij wel eens wil ankeren in plaats van Queenborough aan te doen zoals gewoonlijk. Iets voorbij Nore Sand liggen we op de eerste rij voor een magische zonsondergang.

De volgende ochtend neemt de stroom ons mee richting Londen. Onderweg krijgen we het bezoek van de politie in een zwarte zodiac. Met de vriendelijke maar besliste uitnodiging om ieder verdacht feit te willen melden op een bijzonder nummer. Ook her en der in de stad vragen affiches om waakzaamheid. De volgende dag herinnert een wandeling over Westminster Bridge aan de recente terreurdaad van 22 maart 2017. En de feiten halen mijn woorden in, afgelopen zaterdag 3 juni 2017 waren London Bridge en Borough Market het doelwit van nog meer driest terreur.

Maar stilstaan doet Londen niet. Haar skyline verandert even snel als het werk van David Hockney. Na Tate Britain gaan we richting Battersea Power Station. Deze iconische plek, in ons collectief geheugen geprent door de lp Animals van Pink Floyd, wordt aan hoog tempo verbouwd tot luxueus woonoord.

In contrast met die niet aflatende bouwwoede ligt iets verderop Battersea Park felgroen te genieten van het ongewone zomerweer. De Thames stroomt onophoudelijk, vijf uur naar zee -een kleine adempauze bij het kenteren van de stroom- en zeven uur terug.

Zoals steeds overnachten we met onze boten in Limehouse Basin Marina. Het is er goedkoper en rustiger liggen dan in St. Katharine Docks en er is een metrohalte vlakbij. De vele narrowboats die er liggen zorgen voor een boho sfeertje en je kan er ongestoord barbecuen op het ponton.

Vlakbij London Docklands. Waar in Canary Wharf, Londens tweede zakencentrum, de ene glimmende wolkenkrabber na de andere verrijst. Maar waar je ook heerlijk kan fietsen langs de Thames of op Isle of Dogs verrast wordt door leuke pleinen, een gezellige pub. Van daar kan je zelfs via een voetgangerstunnel onder de Thames door naar de overkant, naar Greenwich.

Londen blijft verrassen, blijft ons verbazen. Wij blijven gaan. Keep calm and carry on…

 

 

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Vallende sterren zoveel je wil, maar London, vergeet het maar…

Perseus en Andromeda, dat zijn zo’n beetje de Brad Pitt en Angelina Jolie uit de Griekse mythologie, een blits koppel. Perseus was een knappe halfgod met heel wat heldendaden op zijn palmares. Andromeda een schoonheid die bijna aan een zeemonster werd gevoerd, als die dappere Perseus haar niet had gered. Ze werden verliefd, leefden nog lang en gelukkig en kregen vele kindertjes. Maar ook elk een sterrenbeeld. En ieder jaar zo ongeveer halfweg augustus, suist een meteorenregen door het sterrenbeeld van Perseus. Astronomen noemen dat de Perseïden, wij gemakshalve vallende sterren. En mijn schipper wil die zien waar je ze best van al kan zien, op zee..

Donderdag 11 augustus 2016 09:00 pm

En zo vertrekken we uit Nieuwpoort, vier zeildagen in het verschiet en mooi weer op komst.

Kort na ons vertrek klaart de hemel voorzichtig uit en nu, om 02:00 am, barst ze van de sterren. Ondanks het licht van de maan zien we met verbazende regelmaat vallende sterren naar beneden zoeven. Nog een, en nog een. Oh kijk, nog een. En wij maar wensen doen. Een van die wensen is dat het wat sneller mag gaan met de boot. We hadden gerekend en geteld, stroming, wind, het kon wel. Maar de zee wil niet mee. We trappelen haast ter plekke, venijnige korte golfslag dwarsboomt ons plan, rechtstreeks naar London varen… De wind komt meer tegen te zitten dan verwacht. We zetten de motor bij, het maakt bedroevend weinig uit, hoe kán dat nu? En hoe verder de nacht vordert, hoe meer het er naar uit ziet dat het niet zal lukken. Om de Thames in één getij op te varen moeten we bij de Medway boei zijn met laagwater Sheerness en dat halen we niet.

Ongeloof en twijfel. We rekenen en tellen opnieuw. Maar het is wat het is, we haalden onze voorziene gemiddelde snelheid niet. En nu kan het niet meer. Dan worden we boos. Hoe hebben we dat laten gebeuren? Hoe konden we zo stom zijn, waarom zijn we niet vroeger vertrokken? Maar boos zijn lost niets op en we moeten er ons bij neerleggen, het kan niet en dat is zo. Een boot is geen auto, de zee is geen snelweg. Punt. En ten slotte eindigen we met ‘Wat nu?’… En al heel gauw is er een nieuw plan: laten we naar de river Orwell varen.

De sterren blijven vallen, tot aan het eerste ochtendschemer. En wij verleggen onze koers.

Zaterdag 13 augustus 2016

We drijven aan een boei op de Orwell. De rivier heeft iets magisch. We zitten en kijken. En blijven kijken. Het water stroomt voorbij, de tijd stroomt voorbij. Het is warm, het is zomer. Op een rivier verandert alles voortdurend, het licht, de wolken, de boten die zich schikken naar de stroming, niet allemaal tegelijk, maar groepje per groepje, als een dans op het ritme van de rivier.

De dag is al ruim over de helft als we besluiten om toch maar in beweging te komen.

We zeulen het bijbootje aan dek, pompen het op en laten het te water. Op het moment dat Las de buitenboordmotor installeert, wordt zijn aandacht getrokken door een oranje zweem bij de schroef. Wat porren met de pikhaak levert een eerste sliert nylon op. Dan maar duikpak aan en duikbril op, mes in de hand en het water in. Uiteindelijk snijdt Las een kluwen van feloranje taai weefsel van rond onze schroef…

Geen wonder dat we ter hoogte van Margate nauwelijks vooruitgang hadden, ondanks onze motor… Zo zouden we nooit in London geraakt zijn..

Onwillekeurig moet ik even terugdenken aan de Griekse goden. Bemoeiden zij zich niet al te graag met de sterfelijke mens als die te overmoedig werd?

 

Een serieuze Italiaan in Londen

Ik kook graag. En beschouw mezelf als een no-nonsense kok. In mijn keuken geen -tig ingrediënten waarvoor je het halve land afreist, je blauw betaalt en bij gebruik van dat ene schepje, op de verpakking leest dat het te kort houdbaar is om ooit op te gebruiken. In mijn keuken ook geen gesofisticeerde apparaten die -gekocht in een vlaag van culinaire overmoed- vaak roemloos eindigen als kastenvulling, zoals mijn moeder zegt. Op de boot, in mijn kombuis wordt het helemaal downsizen. En dat is leuk. Want hoe meer je met weinig voor elkaar krijgt, des te groter de voldoening.

Zondag 1 november 2015

We zijn met de boot in Dover en hebben de trein naar Londen genomen. Met een plan. Walthamstow ontdekken, en dan vooral de Walthamstow Farmers Market die elke zondag doorgaat van 10 am-2 pm.

Toegegeven, wanneer ik het handvol kramen op het mistige pleintje zie, ben ik wat ontgoocheld. Is dit alles?

Maar schijn bedriegt. Ieder kraam verrast. Groentjes recht van de boerderij, prijswinnende kazen en goudgele boter, geurende broden en succulente taartjes, biologisch appelsap, worstjes en … Italiaanse specialiteiten.

Walthamstow Farmers Market

Zo bedeesd als de Britse boerenjongen van de cheddar en de boter is, zo uitbundig de Italiaanse jongeman van The Seriously Italian Company. Terwijl we proeven van pesto met pistachenoten, tapenades, olijven en gnocchi, beschrijft hij met brede gebaren als een magiër wat je allemaal op tafel kan toveren met zijn koopwaar. ‘We gaan vanavond niet op restaurant’, denk ik, wanneer ik proef van de pesto met rucola. Wild rocket pesto. En we kopen ook nog een pak gnocchetti sardi, een pastasoort uit Sardinië, maar dan in Londen gemaakt. Als toetje krijgen we nog een filosofische kijk op het verschil tussen leven in Rome en leven in Londen. En een brede glimlach.

Van mij krijg je een recept.

Wat heb ik aan boord

Kip

Champignons

Rode ui

Tomaat

Olijfolie

Pasta

Pesto

Hoe maak ik het

Kip, champignons en ui in stukjes snijden. De kip bruin bakken in hete olijfolie, ui en champignons toevoegen en kruiden. Een scheutje rode wijn er over. Op zacht vuur laten garen zonder af te dekken. Ondertussen de pasta koken. Afgieten, op smaak brengen met peper en zout en olijfolie. De fijngesneden rauwe tomaat onder de kip scheppen. Meteen opdienen met een flinke lepel pesto.

Geschaafde Parmigiano (of Grana Padano) zou hier ook lekker bij geweest zijn, maar dat had ik niet aan boord.

O ja, en ook nog dit: onontbeerlijk hierbij is een goed glas wijn. En minstens zo onmisbaar: een olijfolie om u tegen te zeggen. Zoals de olijfolie die thomas & gli altri in Puglia maken. Die heb ik altijd aan boord.

Buon appetito!

Gnocchetti sardi met pesto van rucola

The Seriously Italian Company

 

 

 

 

Zeilen en een dagje Londen, heerlijke herfst combo!

Halloween, Allerheiligen, Allerzielen, wat dan ook, maar herfst is het nu echt wel. Steeds kortere dagen, herfststormen, regen luiden het einde van het vaarseizoen in. Alhoewel, mijn schipper vindt alle seizoenen goed om te varen. Maar eerlijk is eerlijk, voor mij mag het een beetje minder vanaf nu. We hebben dan ook een fijn compromis gevonden. We zeilen naar Dover, sporen de volgende dag naar Londen en zeilen de derde dag terug naar Nieuwpoort. Voor Las ideaal om nog een flinke zeiltocht te maken, voor mij het perfecte excuus om nog eens naar Londen te trekken, stad naar mijn hart…

Vroeg uit de veren, de Webasto spint als een tevreden kat, ontbijt op zee.

Ochtendgloren

De weerberichten kloppen niet, fijn is dat als ze windstil voorspelden maar het lekker vier beaufort waait, uit het zuidoosten nog wel. Bovendien nog flink wat stroom mee en geloof het of niet, de zon is de hele dag van de partij! Mooier kan je niet hebben op een 31 oktober.

Bijna in Dover White Cliffs of Dover

Vlak voor de haven van Dover staat er een woelig zeetje, wind tegen stroom. Als we op een kwart mijl van de haveningang Dover Port Control oproepen om ‘toestemming in’ te vragen worden we vriendelijk verzocht om de volgende keer onze komst al van 2 mijl voor de haven te willen melden. Dat is nieuw voor ons.

Woelig water vlak voor Dover

De marina in het Granville Dock is niet altijd toegankelijk, de sluisdeur is enkel geopend van 3,5 uur vóór tot 4,5 uur na hoogwater. Een beetje rekenen en tellen, ons zal het maandag goed uitkomen. We liggen ook wel graag in het Tidal Dock, maar hier liggen we rustiger.

Dover Marina Dover Marina

1 november. Een aarzelend zonnetje worstelt met de mist. In amper een uur en vijf minuten sporen we van Dover naar Londen. We gaan jaarlijks een à twee keer naar Londen. Met het Hemelvaartweekend zeilen we via Queenborough naar Lime House Marina, met 1 november doen we het half zeilend half sporend. Omdat onze tijd in Londen zelf beperkt is, heb ik altijd een plan. Dit keer is dat Walthamstow gaan ontdekken en dan naar de tentoonstelling ‘The World Goes Pop’ in Tate Modern. Meer dan genoeg voor een dag. Maar eerst naar de markt!

Farmer's Market Walthamstow

We kopen brood, kaas, boter, pesto en pasta, heerlijk. Langs stille straten -niet te geloven dat je hier amper zes metrohaltes northbound van het drukke St. King’s Cross Pancras bent- wandelen we naar de William Morris Gallery. De Britten koesteren hun helden. Een knus museum, gratis bovendien, omgeven door het prachtige Lloyd park. De ideeën en realisaties van William Morris, denker/ontwerper uit de tweede helft van de 19e eeuw, bezieler van de arts-and-craftsbeweging komen verfrissend over. Verrassend verfrissend. Leefde hij vandaag, hij zou een hipster pur sang zijn.

William Morris Gallery Kamperfoelie   Herfst in Lyndon Park

Een wandeling verder kom je in Walthamstow Village, dorpsgevoel, hippe eethuisjes, trendy en vintage winkeltjes.

Walthamstow Village 1 november   Kerkje Walthamstow

Na de middag trekken we richting Thames. Het is een schitterende herfstdag, mensen genieten van het zonnetje, kuierend langs de South Bank. Als je Tate Modern bezoekt, en je bent een artistieke indigestie nabij, trek dan naar de zesde verdieping van dit indrukwekkende museum. Je kan er lekker eten, maar net zo goed iets drinken terwijl je van een subliem uitzicht geniet. Op de kaart vind je zowel cocktails met namen als ‘See no Monkey hear no evil’ of ‘Honeyed Words’ als Britse biertjes waar je nog nooit van hoorde.

IMG_7921 IMG_7922 IMG_7931

Na een gevulde dag keren we terug naar Dover. Ik kook lekker aan boord en we gaan vroeg naar bed.

2 november. Vijf uur is echt wel vroeg. En kil. We zijn net de haven uit als de horizon verdwijnt in een dikke mistbank die uit het niets over zee walst… Om even later op te lossen en de zon spectaculair te laten doorbreken. Het wordt een prachtige dag, de wind waait aanvankelijk flauw, maar we zeilen. Traag maar in de zon! Na de middag trekt de wind aan en maakt de felblauwe lucht plaats voor een grauwe novemberhemel. We hebben meer stroom tegen dan in de heenreis, en de tocht duurt flink wat langer. Het is donker als we Nieuwpoort binnen varen.

Ook dat is november..

IMG_5035IMG_5084