Op de botenparking

Zaterdag 17 februari 2018

Zou het zo aanvoelen als je door het ijs was gezakt, vraag ik me rillend af. Er drupt net niet bevroren water uit mijn mouwen. Ik begin te klappertanden. Ik heb het gehad voor vandaag. De romp van de boot is gewassen, gespoeld en afgedroogd, het groen van de teak stootlijst is weggepoetst. En ik, ik heb het gehad voor vandaag. Al wat ik nu nog wil is een schuimend, heet bad.

Op de botenparking

Zondag 18 februari 2018

Uitspraak van de dag: “Waar ik nog het meest troost in vind, is dat iedereen hier met ongeveer dezelfde problemen zit.” Twee mannen zijn lachend aan het praten, armen gekruist, lichtjes achteruit leunend en hun boten monsterend. Het is koud maar zonnig en op de botenparking gonst het van de bedrijvigheid. Over een maand zullen de eerste boten in het water gaan.

Verrassend toch hoe schippers kunnen kletsen. Vergeet het cliché dat vrouwen kletsen over dagcrème, waspoeder of de kinderen en mannen over auto’s en voetbal. Op de botenparking gaat het over antifouling. En over polish en polijstpasta, over wax en boenmachines, excentrische en niet-excentrische. Ze kennen merken, trucjes. Ze weten hoe het moet, allemaal. Hoe meer je hoort hoe verwarrender het wordt. Wie zou hier nu gelijk hebben vraag ik me af?

Het zonnige weer lokt niet alleen klussers naar hun boten. Maar ook zij die nog niet aan het klussen zijn geslagen, of van wie de boot in het water bleef, of die het werk laten uitvoeren, komen langs. Nog meer babbeltjes. Maar er wordt gewerkt. En in de late namiddag staat ons onderwaterschip in antifouling.

Zaterdag en zondag 10-11 maart 2018

Wat aangekondigd was als een weekend met veel regen, blijkt heel erg mee te vallen. En we besluiten ons dan toch maar aan de lastigste aller klussen te wagen. Polieren en polishen. Of het wel nodig is, probeert mijn schipper nog. Je vaart niet lekkerder omdat je boot blinkt. Meer zelfs, als je er op zit, zie je het niet eens. Maar toch, wanneer ik de man twee boten verderop zichzelf voor de -tigste keer voldaan zie spiegelen in zijn donkerblauwe lak, moet het bij ons ook gaan gebeuren.

Donkerblauwe lak, het is me wat. Je ziet er alles in. En hier en daar is die mooie lak helaas ook niet meer zo mooi. Door corrosie -normaal bij een aluminium schip- ontstaan op plaatsen waar de hechting niet perfect is ontsierende oneffenheden. Op één plaats is er zelfs een heuse blaas ontstaan. De laklaag er om heen blijft strak en intact maar laat onderliggend los van het aluminium. Om zeker te zijn of die aluminium nog wel ok is, hebben we de slechtste plekken opengemaakt. En ja, de aluminium ziet er overal prima uit, voor zo ver we kunnen oordelen. We snijden loszittende lak weg, retoucheren met twee componenten coating, maar het bijwerken van de lak -iets dat we overlaten aan iemand met meer ervaring dan wij- zullen we moeten uitstellen tot het warmer wordt. Maar ondanks die lokale heelkundige ingrepen, waar we tijdelijk over heen kijken, verdient de rest van de lak een verwenbeurt.

Eerst gaan we de doffe plekken waar de fenders zitten te lijf met een polierpasta. Pietjes precies zouden pasta’s van verschillende korrel na mekaar gebruiken, te beginnen bij grof en doorwerken tot ultrafijn. Maar een middelfijne pasta voldoet voor ons. Na het polieren worden eventuele restjes pasta met een microvezeldoek weggepoetst. Dan volgt een beurt met een schone schapenvacht zoals specialisten dat noemen. En ten slotte gaat er een waxlaag over heen die nog één keer opgeblonken wordt. Nog even en we kunnen het water weer in.

 

 

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren