Van zomer naar winter en terug… Senja

Skrei of winterkabeljauw, dat is lekkere vis. En het is niet zomaar vis. Er hoort een kwaliteitslabel bij, een keurmerk, een appellation zoals bij de betere wijn. Het skreiseizoen is kort en ik was blij toen ik in februari in de viswinkel een mooi stuk scoorde. Met blokjes tomaat en courgette en wat zure room werd het een heerlijke ovenschotel.

En inderdaad, in de verpakking van mijn vis, zat een blaadje met een stempel. Br. Karlsen, Husøy, Noorwegen stond erop. Verrukt googelde ik die broers Karlsen en vond niet alleen een website maar ook een vrolijke Instagram account met prachtige beelden van een eiland in de sneeuw, pittoreske vissersboten en lachende vissers met dikke truien en blozende wangen. Elk jaar komt de skrei in de winter uit de Barentszee zuidwaarts gezwommen om te paaien. De hele vissersgemeenschap kijkt reikhalzend uit naar de komst van de skrei. Zo’n plek, daar moeten we langs op onze Noorwegenreis vond ik toen. En zette op de digitale Navionics zeekaart alvast een marker met als symbooltje een vis. Maar helaas, toen we er begin juni voorbijkwamen lag het te ver uit de weg…

28 – 30 juni 2022

Inmiddels zijn we op Senja, een groot eiland dat op een bloem lijkt als je het op de kaart bekijkt. Of op zeewier met langwerpige, uitwaaierende bladen. Daartussen diepe fjorden. Ik verbaas me over de eindeloze rijen scherpe bergpieken, donkergroen en ongenaakbaar. In de winter komen 80 knopen wind wel eens voor aan deze geduchte kust, maar nu zomert het!

We nemen er een kijkje bij het stijlvolle Hamn i Senja resort-met-haven maar wegens te warm aan het ponton, gaan we drie mijl verderop ankeren in een droomplekje. Het ligt tussen de eilanden Ertnøy en Kjøpmannsøy en een ander woord dan perfect kan ik er niet voor verzinnen.

Maar na een paar dagen uitzonderlijk warm zomerweer hangt er gerommel in de lucht. Het weerbericht waarschuwt niet alleen voor hevige warmteonweders maar ook voor storm. En op een toch wat onherbergzame plek als deze kiezen we voor veilig.

Op de kaart ontdek ik een goed beschutte haven op een eilandje in de Øyfjord, Husøy. Husøy? Langzaam valt mijn frank. Want als we naderen herken ik het van de frisse Instagram account. Het vissershaventje van mijn skrei appellation contrôlée lag helemaal niet ten zuiden van het eiland Torget waar we ruim driehonderd mijl geleden voorbijkwamen. Het ligt gewoon hier en wij gaan er schuilen.

Het contrast met het vakantiebrochure-achtige Hamn I Senja kan niet groter zijn. Een wijde rechttoe rechtaan haven met stoere vissersschepen. Helemaal achteraan een ponton met boxen, alle grote zijn ingenomen door nog meer massieve schepen en de kleine zijn te klein voor ons. We draaien een rondje en beslissen om af te meren aan een kloeke steiger waar aan de ene zijde een schip ligt en aan de andere zijde niemand. Wel liggen er tal van polypropyleen afmeerlijnen met gesplitste ogen, allemaal in het typische bleke watergroen zoals je hier overal ziet. Komt hier nog een schip afmeren? We wagen het er toch maar op en besluiten op zoek te gaan naar iemand die weet of het mag.

Maar het visseizoen is voorbij en de haven lijkt wel uitgestorven. We gaan op verkenning en zien de gebouwen en kantoren van de broers Karlsen. Op goed geluk kloppen we aan en na twee telefoontjes bevestigt een vriendelijke dame ons glimlachend dat het prima is om er te blijven. Iets verderop ligt de enige superette van het eilandje. In de visafdeling stapels pakjes met bereide zalm, heilbot, gerookt, gekruid, in stukken of sneetjes. Op alle verpakkingen hetzelfde label. Br. Karlsen. Op aanraden van de hartelijke verkoopster neem ik een pakje varmrøkt krydderlaks mee, kruidig gerookte zalm. Ze geeft het advies om dit op te warmen in een pakketje aluminiumfolie met een klontje boter erover. Het is ons bestverkochte product geeft ze nog fier mee. Later googel ik de broers Karlsen nog eens. Ze hebben het goed voor mekaar. Visverwerkende bedrijven, vastgoed, export, noem maar op. En wellicht ook een goedbetaald marketingbureau voor de Instagram account…

Husøy, je moet dat eens intikken in Google maps. Ik vond er alvast drie…

1/ Ten zuiden van het eiland Torget – 65°23’N 12°02’E

2/ In de archipel Træna – 66°29’N 12°05’E

3/ In een fjord op het eiland Senja – 69°32’ 17°40’

Niet vers, wél lekker!

Donderdag 9 juli 2020

We zijn welgeteld vier dagen weg. Er is eten voor nog minstens een week aan boord. Maar na de flinke wandeldag in Etretat, terug fietsend naar de jachthaven vraagt de ene helft van de bemanning aan de andere wat er op het avondmenu staat…

Schipper: ‘Wat eten we vanavond?’

Ik: ‘Vanavond? Hmm, niet te veel, toch? We hébben net gegeten?’

Schipper: ‘Gegeten? Beetje oesters en mosselen, jaaaa…’

Ik: ‘Hee, kijk, daar is een viswinkel die nog open is!’

Schipper: ‘Oh, maar ze hebben daar geen verse vis, dat wordt niks.’

Ik: ‘Ik loop toch even naar binnen!’

Ik haak de elastiekjes van mijn mondmasker achter de oren en loop de winkel in. Inderdaad, hier bij de Pêcheurs d’Islande vind je geen verse vis. Alles wat hier te koop is, is bereid of geconserveerd. Gerookt, gezouten, opgelegd in olie of azijn, in blikjes of bokalen. Ik aarzel en net als ik van plan ben om het er toch maar bij te laten, vraagt de jonge vrouw achter de kassa of ze me ergens mee kan helpen. Ik haal mijn schouders op en leg uit dat ik dacht een viswinkel aan te treffen met verse vis. Ze lacht en bevestigt dat ze inderdaad enkel bereide visproducten verkoopt. ‘Maar het zijn heerlijke producten, kijk gerust eens rond,’ moedigt ze me aan. ‘Met vakantie?,’ informeert ze. Ik vertel dat we op zeilvakantie zijn. ‘Wel nu, ideaal voor op de boot, toch?’, glimlacht ze van achter haar mondmasker. ‘En waarom niet…’, denk ik, en bekijk de kleurige blikjes en verpakkingen. Kloeke stukken witte vis bedekt met glinsterende zoutkristallen intrigeren me. Gezouten vis, ik heb me er nog nooit aan gewaagd. Gepassioneerd legt de dame me uit hoe je de vis 48 uur zorgvuldig moet ontzouten vooraleer je ze gaat bereiden. Morue, kabeljauw. ‘Je zult verbaasd zijn hoe lekker die is! En als je die vis niet meteen bereidt, kan je die nog tot september bewaren,’ verzekert ze me. September? Niet te geloven. Ik besluit een en ander uit te proberen. Het worden uiteindelijk vier heerlijke geregjes waar we de komende dagen van genieten!

Allereerst proeven we twee stukjes zachtgerookte zalm met kruiden. Met beetgaar gekookte sperzieboontjes, kerstomaatjes en een vleugje vinaigrette tover je hiermee een onberispelijke lunch op tafel.

Ten tweede laat ik me verleiden door een knalgeel blikje sprotjes met citroen. Die noemen ze hier sprats. Ze zijn fluweelzacht en fris, en vergezeld van flinterdun gesneden venkel, blokjes courgette en wat sla vormen ze een elegant bordje.

De derde hap is de gemakkelijkste. Nogal wat mensen denken dat koken aan boord zo moeilijk is dat je je moet beperken tot blikken ravioli of plastieken potjes instant noodles, zo van de soort: heet-water-er-over-en-klaar. Die dingen krijg ik echt niet verkocht aan mijn lief. En in de mate van het mogelijke kook ik meestal zo vers mogelijk. Maar voor de momenten waarop het echt wat moeilijker gaat, heb ik wel graag een race-maaltijd achter de hand, zo van de soort: opwarmen-en-klaar. Maar het moet ook lekker zijn. En dat blijkt de bokaal brandade de morue à la fécampoise echt wel te zijn. Een brandade is een zachte puree van stokvis, op smaak gebracht met olijfolie of melk en soms knoflook. Een hartige kant-en-klare maaltijd. En mocht je toch in een heel culinaire mood zijn: op de website van de winkel vind je ook het recept!

En ten slotte de fameuze gezouten kabeljauw. Die komt dik in het zout en verpakt in papier aan boord. Ik snij de vis in twee stukken en zet die onder water in een plastic bewaardoos met goed sluitend deksel. Zo’n drie maal per dag en dit gedurende twee dagen vervang ik het water.

En dan aan de slag. In een pot stoof ik stukjes ui, prei en courgette aan in wat olijfolie. Kruiden met peper en wat tijm. Zout laat ik achterwege. Als de groenten bijna gaar zijn, gaan er een scheutje witte wijn en een flinke scheut room over. Daarop schik ik de in stukken gesneden en drooggedepte vis. Kort laten garen. Serveren met frisse blokjes vers gesneden tomaat en gekookte aardappelen.

Net zo heerlijk als vers!