De eilandverzamelaar

19 – 26 mei 2024

Collect memories, not things’… Het is een quote die vaak voorbijkomt op social media. Maar iemand die eilanden verzamelt, meer bepaald Schotse eilanden, dat is wel heel bijzonder…

In 2020 al zouden we naar de westkust van Schotland en de Hebriden zeilen, een vaargebied waar zoveel info over te vinden is dat het je duizelt. Vaargidsen, boeken, websites, artikelen in tijdschriften, blogs. Van zeilvriend Johan van sy Ossian kregen we een schat aan reis- en vaarinfo in bruikleen. Maar de Covid pandemie besliste er toen anders over, onze plannen gingen in de ijskast en Ossians schat in een kartonnen doos. In vergelijking met het leed in de wereld was het onbelangrijk. Maar nu zijn we zomaar vier jaar verder en klaar om de Schotse westkust te ontdekken.

Uit de kartonnen doos diep ik het dikste boek op. The Scottish Islands, a comprehensive guide to every Scottish Island van Hamish Haswell-Smith. Beslist te lijvig als boek-bij-de-hand-op-zee, meer een boek dat je ’s avonds in de kajuit ter hand neemt. Maar voor alle veiligheid wikkel ik het toch maar in kaftpapier.

Auteur Hamish, architect, kunstenaar, schrijver, eilandverzamelaar én zeiler, was een autoriteit wat de Schotse eilanden betreft. In de inleiding beschrijft hij de totstandkoming van zijn naslagwerk naar het beroemde voorbeeld van Sir Hugh Munro die alle Schotse bergen hoger dan 3000 voet oplijstte. Maar Hamish loopt bij de creatie van zijn titanenwerk tegen hindernissen aan. Om te beginnen, wat is de definitie van een eiland? Of ook, hoe maak je een selectie als er gewoonweg te veel eilanden zijn? Hij legt haarfijn uit hoe hij het aanpakt. In zijn magnum opus worden uiteindelijk 162 Schotse eilanden uitgebreid beschreven volgens oppervlakte, hoogte, eigenaar, bevolking, geologie, geschiedenis, fauna en flora, algemene beschrijving met bezienswaardigheden, bereikbaarheid en ankerplaatsen. Van elk eiland is er een handgetekende kaart en het boek is geïllustreerd met rake schetsen en zachte aquarels.

In Hamish’ bespiegelingen over de moeilijk te maken keuzes vind ik gelijkenissen met het plannen van onze zeiltocht aan de westkust van Schotland. Hoe grip krijgen op zoveel informatie?

Ik maak een My Maps kaart in Google met daarop de plaatsen waar bevriende zeilers kwamen. Ik orden Imray Pilots, verzamel knipsels uit tijdschriften, zoom in en uit op digitale kaarten, scrol door websites en raadpleeg reisgidsen. Om tot de conclusie te komen dat je, als je dit alles wil verwerken, niet meer aan zeilen toekomt. Om nog maar te zwijgen van de fomo die op de loer ligt, de fear of missing out.

Tijd voor een ander plan van aanpak. Niet de bestemming maar het weer en het getij zullen beslissen. In functie daarvan gaan we een dag of twee, misschien drie vooruit plannen. En we lezen ons enkel in over de bestemmingen van die kortetermijn planning. Het gaat tenslotte niet over waar we niét zijn geweest… Eilandverzamelaar Hamish mag mee. Al zullen we maar een fractie van zijn collectie eilanden aanlopen, herinneringen zullen wij zeker verzamelen…

Holy Island Na een tochtje van 15 mijl vanuit Troon zakt ons anker in 5,5 meter diepblauw water bij Holy Island, een eiland tegenover Arran en eigendom van een Schotse Boedhistische groep. Al van ver zien we gekleurde vlaggen en acht witte stoepa’s die de levensfasen van Boeddha voorstellen. Eén ervan heet ‘Miraculous Stupa’… Na alle voorbij technische perikelen vind ik het miraculeus dat ons eerste tochtje ons hier brengt… Op de wandeling langs het kustpad verrassen Boedhistische tekeningen op de rotsen, de weelderige Mandala Garden met geurige kruiden en bloemen ademt een deugddoende rust uit. Peis en vree, we waren er aan toe. Ons Schotland avontuur begint alvast heel zen

Sanda Net onder schiereiland Mull of Kintyre, je weet wel, van het liedje van ex-Beatle Paul McCartney, ligt een klein eilandje, Sanda. Ertussen stroomt het hard en om de noordelijke ankerplaats van Sanda aan te lopen moet je op tijd afslaan om je door de dwarsstroom te murwen. Het is een tikje spannend maar even later liggen we in stil water. We maken een wandeling naar de overkant van het eiland om naar de vuurtoren The Ship te gaan kijken. En die ziet er precies uit zoals Hamish die schilderde… ’s Avonds krijgen we een prachtige avondlucht cadeau. En voor wie niet weet wat gedaan met zijn centen, Sanda is opnieuw te koop

Gigha Caribisch turkoois is het water van de Ardminish Bay waar we na een zonnige zeiltocht, 29 mijl en rónd de Mull of Kintyre, een meerboei oppikken. Een week zon in Schotland, het lijkt te mooi. En dat is het ook want nu komen er twee dagen met lelijk stormweer aan. Voor die toeslaan bezoeken we nog de mooie Achamore Gardens die Sir James Horlick, een gefortuneerd man met een passie voor subtropische planten en rhododendrons, in de jaren ’40 liet aanleggen. Na zijn dood raakten de tuinen verwaarloosd maar nu worden ze beetje bij beetje weer in al hun glorie hersteld.

Achteraan in Hamish’ boek staan drie bijzondere bijlagen. Een overzicht van de eilanden die hun eigen postzegel mogen uitgeven, de eilanden met whisky distilleries en… de eilanden met een golfbaan. Die laatste, dat zijn er 29 en Gigha is erbij. Als na twee dagen binnenzitten het stormweer over is, rijden we er voorbij op een fietstochtje naar het noordelijkste puntje van het eiland. Op Gigha zie je bijna geen schapen maar vooral koeien. Het was ook de verdienste van Sir Horlick om de melkveebedrijven te moderniseren… Hij bouwde zelf een zakenimperium uit met warme drankjes, die net als hij Horlick heten. Ik had er nog nooit van gehoord, maar heb ze hier in de supermarkt al zien staan. Misschien toch maar eens proberen!

Hoe strak ook het plan, het vraagt altijd wat lef om te gáán..

Aan een zeiltocht begin je niet onvoorbereid. Je gaat na of zeilen en verstaging in orde zijn, je zorgt dat er diesel en water getankt zijn, dat de batterijen opgeladen zijn en dat er voldoende proviand aan boord is. Voor een meerdaagse tocht is de checklist iets uitgebreider dan wanneer je enkele uren op zee gaat om een frisse neus te halen zeg maar. En je maakt een zorgvuldige tochtplanning.

Ooit woonde ik een tot de verbeelding sprekende voordracht bij van poolreiziger Dixie Dansercour. Hij vertelde hoe hij en zijn reisgezel Alain Hubert zich voorbereid hadden op de onvoorstelbare tocht van 3 900 km over het ijs in Antarctica. Ze testten materiaal, sledes en powerkites, legden zichzelf loodzware trainingen op en werkten voor honderd potentiële problemen honderd mogelijke oplossingen uit. En toen, ze waren amper een dag onderweg, deed probleem honderdeneen zich voor… De details ben ik vergeten, maar de essentie niet. Probleem honderdeneen, datgene waar je niet aan hebt gedacht, datgene wat anders uitvalt dan voorzien, de onverwachte wending… Je hoeft echt geen poolreiziger te zijn om er tegenaan te lopen. Vraag het aan eender wie die een huis verbouwt, een feest organiseert, een zeiltocht plant… Loopt het niet volgens plan, dan is er veerkracht nodig. En flexibiliteit.

En net omwille van de onvoorspelbaarheid van probleem honderdeneen en misschien ook probleem honderdentwee vraagt het altijd wat lef om te gáán. Want elk plan, echt élk plan, kan tegenvallen. Dat ondervonden we afgelopen zomer.

Maandag 20 juli 2020.

We weten dat het van Saint-Quay-Portrieux zo’n 75 mijl naar Cap de la Hague is en dat de Alderney Race daar vandaag vanaf 06:00 pm van SW naar NE begint te stromen. Ideaal gezien ben je daar aan het begin van de meegaande stroom, zodat je er alle profijt van hebt tot nog een flink stuk er voorbij, en waardoor je ook de mogelijk hevige zeeën van halftij vermijdt. Om dat te halen zouden we al heel vroeg moeten vertrekken.

Maar er staat een snoeiharde NNE die in de loop van de dag gaat afnemen en we wachten tot het ergste voorbij is. Op de middag wordt Las ongeduldig, we vertrekken. Ik mopper een beetje, dit past niet in onze tochtplanning want nu ziet het er naar uit dat we precies op het foute moment aan de kaap zullen zijn. De wind gaat nog behoorlijk te keer en er heeft zich ook een flinke deining opgebouwd, het opkruisen is zwaar en traag. Trager dan voorzien in de tochtplanning.

09:00 pm – 9 uur op zee. 48 mijl zigzaggen heeft amper 27 mijl opgeleverd. 5,3 knopen door het water, amper 3 knopen over de grond. Om de sfeer erin te houden knutsel ik in mijn steil kombuis een hartig avondmaal in mekaar. De prachtige avondlucht belooft een mooie nacht op zee. Aan bakboord knippert de vuurtoren van het Plateau des Roches-Douvres, aan stuurboord die van Jument Rock op Jersey.

Dinsdag 21 juli 2020

03:00 am – 15 uur op zee. Jersey ligt nog steeds aan stuurboord. We kruisen motorzeilend, halen amper 1,9 knopen over de grond, het stroomt hier venijnig hard.. Ik neem er de Reeds terug bij. Hun vuistregel is tegenstroom vertrekken uit St Peter Port, Guernsey, om HW Dover +3. Om dan bij de Banc de la Schole, zo’n 13 mijl verder de stroom mee te pikken. Ik reken. Van waar we ons nu bevinden is het nog zo’n 17 mijl tot dat punt. Met ons ‘gemiddelde der gemiddelden’ zou dat moeten lukken. Maar met de snelheden die we nu halen ziet het er hopeloos uit.

06:00 am – 18 uur op zee. Sark aan bakboord, we lopen 4, 5, nee, 6 knopen! Heel langzaam kentert het tij, we zetten een inhaalmanoeuvre in…

08:00 am – 20 uur op zee. We lopen 8 knopen! Het enige wat me nog zorgen baart is dat het er naar uit ziet dat we precies met halftij bij het punt met de strafste stroom gaan uitkomen. We naderen springtij en 7, 8 knopen zijn daar mogelijk. De wind is intussen wel helemaal weggevallen maar stel dat er nog een flinke deining van gisteren staat? Die botst op de stroom?

09:00 am – 21 uur op zee. 12 knopen! We spoelen letterlijk om de kaap heen. Het bizarre water is vriendelijker dan het er uit ziet met zijn kolken en krullen.

De hoofdrol in onze tochtplanning werd zozeer opgeëist door het ronden van Cap de la Hague, dat een eindbestemming er niet in voorkwam… Cherbourg? Maar het is prachtig weer, we hebben allebei geen zin in die grote jachthaven en besluiten door te gaan tot Saint-Vaast-la-Hougue. Na de gulle portie stroom méé volgt opnieuw een taaie dosis stroom tegen, het is niet anders…

We komen bij valavond aan en omdat de toegangspoort naar de haven door het getij nog gesloten is, ankeren we net zoals een achttal andere boten. Wat ons zó bevalt dat, wanneer de poort opengaat en de hele vloot naar binnen vaart, wij rustig blijven liggen en de nacht voor anker doorbrengen…

Stond niet in de tochtplanning…