Zeilplannen op een laag pitje…

22 maart 2020

Ik lig in het goudgele zand en kijk omhoog, blauwer dan blauw is de wolkenloze hemel. De lentezon verwarmt mijn wangen, ik sluit mijn ogen.

Achter de duinen ruist de zee, een strakke oostenwind jaagt over het strand.

Oostenwind. Ideale wind om de boot van Friesland terug naar Nieuwpoort te varen… Maar daar heeft het corona-virus een stokje voor gestoken.

Waren recreatiesporten al een week verboden in België, net als strand- en watersporten in de territoriale wateren, op vrijdag 20 maart zijn ook de landsgrenzen dicht gegaan. Lockdown light noemen ze het, lichtjes op slot… Je mag per auto enkel nog om boodschappen of naar de apotheker. Wandelingen en fietstochtjes mogen dan weer wel, maar enkel in de omgeving van je woning. Er zijn dus geen dagjesmensen aan zee, zelfs wie aan de kust een tweede verblijf heeft mag niet komen. Geen toerist te bekennen, nog nooit was het zo rustig aan de kust in het weekend…

Wat doet quarantaine met mensen vraag ik me af. Met mensen die gewoon zijn om vaak uit eten te gaan, elk weekend op uitstap willen, naar film, theater of musea, of dagelijks naar de fitness…?

Wat gebeurt er met mensen als hun leefwereld krimpt tot de ruimte binnen hun vier muren, waar nu alles moet gebeuren, van ontbijten, over huishoudelijk werk, ontspanning maar ook thuiswerken. De eindeloze filmpjes en grapjes die op social media circuleren maken duidelijk dat dit niemand onberoerd laat.

Mijn schipper -laat ik hem nu tijdelijk corona-buddy noemen-, en ik hebben het er niet zo moeilijk mee. Eigenlijk zijn we het een beetje gewoon. Een groot deel van onze vrije tijd brengen we door op onze boot, onze gedeelde passie. En met zijn tweeën op een zeilboot verblijven, dat heeft wel wat van zelfgekozen quarantaine. Met als bijzonderheid dat de bewoonbare oppervlakte er een fractie is van een gemiddeld huis….

En als je met zo’n boot op een meerdaagse tocht vertrekt wordt het helemaal lockdown

Onze langste zeiltochten dateren van 2004 en 2006 toen we als opstappers mee zeilden voor een oversteek van de Atlantische Oceaan. Twee en een halve week ononderbroken op zee… Geen uitstapjes naar supermarkt of apotheek, geen wandelingen langs het strand. Geen tv, internet, social media. 360° zee met daarboven 360° lucht. Dag na dag…

2004

Hoe je dat kan uithouden zonder door de kajuit te gaan stuiteren van vloer tot plafond en terug, of je crewleden de kop te willen afbijten?

Ik heb een handvol tips. Misschien ook bruikbaar voor wie niet op een boot op de oceaan zit, maar thuis, in quarantaine, telewerkend of tijdelijk werkloos, tussen vier muren terwijl de corona-piek nog niet meteen in zicht is…

2006

Deel je dag in

Een agenda, net nu je dacht van dat nine-to-five keurslijf verlost te zijn? En tóch, een dagindeling brengt rust. Op een meerdaagse tocht op een boot wordt de dag ingedeeld door de afwisseling wachtlopen/slapen, het bijhouden van het logboek en de maaltijden. Te vermijden: een militair schema met chronometer of atoomklok, daar word je alleen maar gestrest van. Aan te raden: af en toe een anti-agenda-dagje als variatie.

Verzorg jezelf

Het kan verleidelijk zijn (voor wie geen online meetings heeft) om te telewerken in pyama en met ongewassen haar. Of op je boot te blijven rondhangen in een bezwete onfrisse t-shirt, alleen maar omdat je er tegen op ziet om je om te kleden in die onophoudelijk bewegende boot waar het nat en kil is. Maar geloof me, na douchen, haren wassen en tanden poetsen ben je een pak energieker. Altijd. Maar hou het simpel: gel-nagels, haarkleuringen en mascara zijn geen meerwaarde.

Zorg voor elkaar

Heb je een zeil- of corona-buddy, zorg er dan voor. Jij bent niet de enige in quarantaine, jullie zijn een team. Als jij wat voor je buddy doet -zoals in ‘bak een taart’ of ‘laat hem /haar eens uitslapen’- voel jij je goed en voelt je buddy zich goed. Werkt in twee richtingen. Altijd prijs.

Koester rituelen

Het belang van rituelen wordt zwaar onderschat. En toch, ze zijn het peper-en-zout van het leven. Ik heb het niet over religie, maar over de simpele dingen als een kop thee, elke nacht, halfweg je wacht. Het opmaken van een bed. Na de werkdag je home office van een clean desk voorzien, alle dingen op hun plek. De ingrediënten voor een maaltijd geordend op het aanrecht schikken voor je begint te koken. Rituelen brengen rust, als punten en de komma’s in een zin.

Leer waarnemen

Onze overweldigende en alomtegenwoordige beeldcultuur heeft van ons slechte waarnemers gemaakt. We reizen veel en snel, we willen veel en snel. Beelden schieten aan ons voorbij als het landschap achter het raam van een hogesnelheidstrein. Heel anders wordt dat op een boot, of in quarantaine thuis tussen vier muren. En heb je het nog niet gemerkt, hoe minder er is, hoe meer je ziet?

Ik wens jullie allen het nodige geduld om de komende weken van quarantaine rustig door te komen…

(Tijdens die twee oceaan-oversteken hield ik een dagboek bij. Veel van hetzelfde, dat kan ik je wel zeggen. Maar mocht iemand tijd te veel hebben en dit willen lezen, dan laat je het maar weten. Hiervoor mailen kan naar adelheidgreven@hotmail.com)

Alle kleuren van de windroos

We hadden een plan. Maar de wind wil niet mee.

Het plan: we varen in één keer naar het verste punt van de reis en hoppen dan terug, havens zat. Wij vinden dat een slimme keuze. Alleen, dat verste punt, daar zijn we nog niet uit. Net voor aperitieftijd is het Falmouth, Cornwall. Na de eerste gin-tonic kunnen de Isles of Scilly ook, natuurlijk. En na een tweede gin-tonic zou het ook wel eens Cork op de zuidkust van Ierland kunnen zijn. Maar hoe we ook plannen, we zijn er aan voor de moeite. Ofwel is er geen wind, ofwel komt ze uit de verkeerde richting. Als het weerbericht er dan min of meer positief uit ziet, klopt het niet. Bij elke tussenstop die we aanlopen moet een nieuw plan gesmeed worden. Weerberichtje, mijlen afpassen, plan bijstellen. We zijn inmiddels een week weg, we zijn in het Falmouth van vóór de apero en hebben er zes tochten op zitten. Willen jullie weten hoe nu eigenlijk die planning verloopt?

Nieuwpoort – Duinkerke

Na een paar uur hard tegen wind en stroom opboksen op motor:

Zij: “Zoetjeuuú…” (lichte dwang) “…dit is toch geen werk…”

Hij: “Ja, ik weet het. (Zucht) Maar, Duínkerkeuuú?” (lichte afkeer)

Zij: “Goh, ja, waarom niet? Kunnen we lekker fietsen, vis halen en in vakantiestemming komen. We hebben drié weken, het komt nu toch niet op een dág…”

Hij: “Ok dan…” (duidelijk verveelde zucht)

Duinkerke – Yarmouth

Na een bijzonder mooie nacht op zee, helaas bijna alles op motor:

Hij: “Zouden we anders Wight niet aanlopen, zo de hele tijd op motor varen is toch maar niks?”

Zij: “Prima. We zijn nog nooit in Yarmouth geweest en iedereen zegt dat het daar leuk is.”

Hij: “Ok, we gaan naar Yarmouth!”

Yarmouth – Lymington

Er zit iets niet goed met de verstaging en de zaling aan bakboord. Enkel Ocean Rigging in Lymington heeft tijd om er naar te kijken. Geen discussie: we varen naar Lymington.

Lymington – Torquay

Probleem vlot hersteld in Lymington. En nu? Blijven we hier een nacht of gaan we door? Als blijkt dat we nog twee uur hebben om met het tij de Solent uit te varen, wachten we niet en zetten door.

Naar Falmouth dan toch? Na een nacht sukkelen tegen wind en tij, zakt de moraal even snel als de barometer. Maar de schipper is optimistisch en krijgt alvast de prijs van de beste quote van de reis:

“Al varen we maar 30 mijl in 10 uur, dan is dat toch altijd meer dan dat we bleven liggen.”

Als de beroemde Jurassic Coast in grijze mist verdwijnt en het dan nog begint te regenen ook, worden de 90 mijl naar Falmouth opnieuw in vraag gesteld. De dichtste haven blijkt nu Torquay te zijn.

Zij: “Torquay, dat is de Engelse Rivièra, zegt mijn Dominicus reisgids.” (met nadruk op Rivièra)

Hij: (de regen drupt uit zijn oren, neus en onderbroek) “Goh, ja, geen slecht idee, die Rivièra van jou.”

Torquay – Salcombe

Om 5:00 dapper vertrokken voor Falmouth. Nog maar eens: te weinig wind om 13 ton vooruit te krijgen. Nog voor de middag lopen we Salcombe aan.

Salcombe – Falmouth

Nu gaat het gebeuren. De wind zit wel nog wat tegen maar niet helemaal. We kunnen een lange slag zeilen, dan even overstag, een kort rak om hoogte te winnen en dan weer een lange slag. Dat gaat toch een beetje vooruit. De zon breekt door, de wolken lossen op.

Zij: “Het eerste echt fijne zeilweer van de vakantie, toch?”

Hij: “Ja, echt wel, zo valt het reuze mee.”

Zij: “En als we nu eens doorzeilden, naar de Scilly eilanden? Ik check even hoeveel mijl dat is…”

Zij: “60 mijl. Tegen de vroege ochtend kunnen we er zijn. Ik zie het helemaal zitten.”

Hij: “Ik ook. Het wordt een mooie nacht.”

Een half uur later zakt de wind weg, gedaan met lekker zeilen.

Hij: “Wat is dat hier nu in godsnaam weer! (Vloek) (Vloek) (Nog een vloek) Ik loop nog amper 2 knopen! Zó gaat het niet. En een hele nacht op motor, daar heb ik geen zin in.”

Zij: “Laat ons dan toch maar Falmouth doen.”

Hij: “Dat is wél terugkeren, hee.” (Duidelijk geërgerd)

Zij: “Een klein beetje maar. Zó erg is dat nu ook niet. (Troostend) Beter dan 12 uur op motor te moeten gaan varen om persé naar die Scilly eilanden te geraken…”

Hij: “Ok dan maar.” (Niet overtuigd)

En nu liggen we in Falmouth. Le vent nous portera…