Tragedie in Ramsgate

Maandag 30 april 2018

Wild is the wind (Nina Simone)

De wereld wordt klein als je je verschuilt in een boot omdat het stormt. Buiten huilt de wind en geselt de regen alles wat er te geselen valt. Luisteren doe ik, naar elk geluid. Fenders piepen, meertouwen rukken, snokken, golven slaan -klonk, klonk, klonk- tegen onze aluminium romp. Maar ook de pontons bewegen, maken akelige, brute geluiden. Rusteloos voel ik me, opgejaagd. Ik denk aan een zin uit een boek.

“… maar er viel niets aan te doen en als je iets niet kan oplossen, moet je het gewoon verdragen.” (Brokeback Mountain, Annie Proulx)

Het helpt bij het wachten tot iets overgaat.

Het huilen van de wind is nu bulderen geworden. De wind en het opkomende tij jagen schuimende golven de havenmuur op. Af en toe breekt de watermassa tegen de pier. De zee rolt haar spierbundels. Spektakel. Vreemd genoeg heeft dit gevaar ook een verleidelijke kant. Je wilt dat het stopt maar kijkt ook uit naar de volgende breker, hoger, wilder. Iets maakt me nieuwsgierig naar de zee achter de muur. Hoe indrukwekkend moet ze nu zijn?

En dan zijn ze daar ineens. Twee boten. Een grote gele die tot tegen de kaaimuur vaart. Een kleine oranje die dezelfde richting uit vaart. Even denken we dat de RNLI een reddingsoefening houdt. Tot ook een derde boot komt aan gevaren en sirenes van ambulances van op de kade weerklinken. Het valt niet op te maken wat er aan de hand is. Tot we een man op de pier zien zitten, hulpverleners buigen zich voorzichtig over hem.

Zonder het te willen worden we getuige van een reddingsactie. De man wordt met een draagberrie aan boord van de gele boot gebracht, even later landt een helikopter.. Wat er  precies is gebeurd, weten we niet. Wel dat het ernstig is.

De rest van de dag blijven we binnen, in onze kleine veilige wereld. Ik schrijf over onze afgelopen zeildagen. De dag gaat over in de nacht.

Storm blijft niet duren. Een dag later is de zee rustig, een kalme westenwind blaast ons terug naar onze thuishaven.

En dan thuis. Een reactie op de blog. Hartverscheurend. Een man uit Nederland schrijft ons dat zijn broer op maandag 30 april is omgekomen in de haven van Ramsgate… Vraagt of we nog iets kunnen vertellen over de omstandigheden, of we foto’s hebben. De laatste dingen uit een mensenleven..

Zijn broer was met twee zeilvrienden vertrokken uit Ijmuiden, zo schrijft hij. Het drietal zeilde via Lowestoft en Harwich naar Ramsgate. En ja, we hadden ze zien binnenkomen op zondag 29 april, amper een half uur later dan wij… Gewoon, zeilers, zoals wij.

Wat heeft ze bezield om een dag later in dat vreselijke stormweer de pier op te gaan? Hebben ze het gevaar niet beseft, heeft de storm hen verleid, wie zal het zeggen.. Een breker sleurde twee van hen het water in. Daarbij verloor een van hen het bewustzijn en verdronk, de ander werd gered. De derde kon zich staande houden op de kade maar brak hierbij zijn heup. Ook hij werd gered. Een tragedie.

We kennen deze mensen niet, we weten niet waarom dit kon gebeuren, het is niet aan ons om te oordelen. Maar ik denk aan hun familie, aan hun vrienden. Hoe ze verder moeten. Hier zijn geen oplossingen voor. Meer dan aanvaarden is er niet. Helaas…

“… maar er viel niets aan te doen en als je iets niet kan oplossen, moet je het gewoon verdragen.” (Brokeback Mountain, Annie Proulx)

Kentlive

Verslag RNLI Ramsgate

Storm

Woensdag 29 juli 2015

De zuidwester haalt uit, 40 knopen blaast het intussen, 8 beaufort. Dit is al uren zo. Langzaam volgt de zee en bouwt op, golven worden donkerblauwe muren, hoger dan de horizon. Feilloos klimt de boot er op, schuift over de glazige toppen en glijdt er over. Met een bewonderenswaardig gemak. De automatische piloot doet het uitstekend. Nu en dan breekt een nukkige golf met een smak op de vaste buiskap. Een ton water barst open in wit schuim en stroomt weer weg, bakboord stuurboord.

Zo ziet 8 beaufort er uit.

Zo ziet 8 beaufort er uit.

De kracht van de natuur, een fascinerend schouwspel...

De kracht van de natuur, een fascinerend schouwspel…

Ik kruip nog dieper in de hoek op de kuipbank –het is er kurkdroog- en stilletjes in mezelf doop ik de ‘doghouse’ om tot ‘mijn bunker’. De grib files die we maandag binnenhaalden hadden deze wind niet getoond. Eerst ging het wat onstabiel kwakkelen, zuid, zuidoost om dan noordwest te worden. En ja, 30 knopen zat er wel in. Maar 40-45 knopen zuidwest niet.

Van onder de vaste buiskap.

Van onder de vaste buiskap.

Binnen in de boot is het met deze helling topsport om je te bewegen. Dit kan je je niet voorstellen wanneer je aan boord bent in de haven, een wereld van verschil. Nu ondervinden we aan den lijve het Breehorn concept: nat gedeelte, droog gedeelte. Meer dan de kombuis, de kaartentafel, het toilet en de achterkajuit hebben we inderdaad niet nodig. We houden de discipline om het papieren logboek bij te houden, eten te maken.

Het stormweer blijft aanhouden.

Hoe anders was het vertrek, 48 uur geleden. Achter ons Grimstad, voor ons 500 mijl naar Nieuwpoort. Vreemd, dat vertrek. Geen te behappen dagtochtje in het vooruitzicht. De eerste uren lijk ik me op een rare manier te vervelen, neem geen boek, weet met mezelf geen blijf. Na de eerste nacht op zee betert het, na de eerste vijftig mijl krijg ik pas het gevoel aan een tocht bezig te zijn.

Maar nu is het gaan stormen. Ben ik bang? Niet echt. Of toch, even. In de eerste blogspot kon je lezen dat Las een schip met een kotterstag wou. Een tweede stag, om bij echt zwaar weer met een klein stagzeiltje de boot controleerbaar te houden. Nu is dit zware weer er gekomen, maar o wee, stommiteit. De schoten, naar behoren aan het zeiltje bevestigd, zijn er -helaas- met een extra knoop omheen gezet opdat het zeil niet zomaar zou kunnen uitrollen. Met als gevolg dat we dat zeil nu niet vanuit de kuip kunnen zetten. Maar het restje genua is zo vormeloos en nutteloos dat we nu echt moeten veranderen. Er zit niets anders op dan dat Las het voordek op gaat. Dubbel aangelijnd kruipt hij naar voren, dat gaat goed. De schoten gaan los, ook goed. Voorzichtig schuift hij zittend terug naar achter en dan gebeurt het. Uit het niets breekt een kolossale golf midscheeps aan stuurboord en een muur van water gaat met een enorme kracht verticaal het schip over. De watermassa is zo massief dat ik Las even niet meer zie. Ik mag er niet aan denken dat hij overboord gespoeld wordt, lifeline of niet.. Maar daar zit hij, roerloos, beduusd en kleddernat! Hij wuift mijn tranen van schrik en opluchting weg. Brrr.

De temperatuur van het water klopt niet, de TWS, true wind speed wél...

De temperatuur van het water klopt niet, de TWS, true wind speed wél…

Wat doet ons schip het goed!

Wat doet ons schip het goed!

Gebiologeerd zit ik door de ramen van ‘mijn bunker’ te kijken naar de zee. Fototoestel in de hand en blijven fotograferen, het is een verslavend schouwspel, de kracht van de natuur. Eigenlijk wen je wel aan zwaar weer. En als de wind onder de 35 knopen begint te gaan, hebben we gek genoeg zelfs het gevoel dat er geen wind meer is.

Na 24 uur stormen draait de wind toch noordwest en kunnen we ruimer gaan varen. We kruisen het eerste schip op onze oversteek en wat voor een. Als we de ‘Ecolution’ achter ons laten lijkt het wel een Hollandse marine uit de Gouden Eeuw.

De Ecolution verdwijnt aan het einder, het lijkt wel een schilderij uit de Gouden Eeuw.

De Ecolution verdwijnt aan het einder, het lijkt wel een schilderij uit de Gouden Eeuw.

De barometer stijgt zienderogen, we krijgen een schitterende zonsondergang, de storm is over.

Wolken en zon, wat een schouwspel...

Wolken en zon, wat een schouwspel…

‘Beter dan tv’ zei mijn vader, en gelijk had hij.

De volgende morgen staat de motor alweer bij, we hebben de zeilen gestreken, geen lover wind meer. Bijna thuis…

Na de storm...

Na de storm…