Struikelen over kunst, het eiland Fur…

De Limfjord is ongeveer 90 mijl lang en verbindt de Noordzee met het Kattegat. Met zijn schiereilandjes, baaitjes en haventjes is het een vaargebied dat het ontdekken waard is en meer dan alleen maar een veilige doorsteek door de kop van Denemarken is. Waar wij heen willen is het eiland Fur, dat ongeveer halverwege ligt. Een eiland in een fjord, hoe spannend klinkt dat?

Zaterdag 10 juli 2021

De zeiltocht van Harre Vig naar Fur is er een om in te lijsten. Na een grijze start breekt de zon door, de noordwester trekt aan tot windkracht vijf en we zeilen snel. Ook onder de Sallingsundbrug die 26 m hoog is maar waarvoor ik toch maar weer mijn hoofd buk. Het is sterker dan mezelf…

Aan de zuidkant van het eiland passeren we Fur Havn, maar we hebben de smaak van het ankeren te pakken en varen door naar een ankerbaai aan de oostkant. Daar gaat ons anker naar beneden in 4,5 m water. We slepen de bijboot aan, pompen die op, monteren de davits en haken de bijboot aan de takeltjes. Maar de landing op Fur stellen we een dag uit, het weerbericht voorspelt een windstille en zomerse zondag… Ik bak een brood en verder doen we niets, behalve ons erover verbazen hoe we liggen als een huis, ondanks de stijve bries.

Zondag 11 juli 2021

Fur is bekend omwille van de bijzondere grondsoort die er gewonnen wordt, diatomeeënaarde. Ook wel kiezelaarde genoemd. Die kent tal van toepassingen in industrie en landbouw. Hoe mooi dat gelaagd gesteente wel is kan je zien bij de kliffen van Knudshoved. Nu is geologie niet echt mijn ding, maar de tinten grijs, bruin en oker en de grillige patronen bekoren me. Abstracte kunst gewoon! Op het strand speuren we naar fossielen maar moeten ons tevreden stellen met wat schelpen en een steen waarvan mijn schipper met veel overtuiging beweert dat het kwarts is. De zon schittert in de kei, een stukje performance art.

Van kunst gesproken. Fietsend over het eiland zien we her en der kleurrijke vissen langs de weg. Op een bordje ontcijferen we enkele woorden Deens en begrijpen dat Fur Fisk een kunstproject op het eiland is. En dan lijkt kunst ineens overal. Galerijtje hier, schilderijen daar. Kunstgalleri, malerier…

Bij het schuurtje van Gunnar “Splint” Christensen houden we halt.

Splint is Deens voor splinter, maar in zijn houten plankjes en kommetjes zijn geen splinters meer te bekennen, zacht en glad als ze zijn. Als ik een schaaltje door mijn handen laat gaan komt mevrouw Splinter aangelopen, 140 DKK kost het houten bordje laat ze weten. Betalen wordt lastig. Het is óf contant -we haalden nog geen Deense kronen uit een muur- óf te betalen met Mobile Pay. Ik had dit al opgemerkt bij de standjes langs de weg waar je confituur kan kopen, groenten en fruit of bloemen, gehaakte knuffels en tweedehandse kleren, noem maar op. Mobile Pay staat erbij, gevolgd door een telefoonnummer. Als dit de Deense versie van onze Payconiq is dan kunnen we daar niet veel mee. Meneer Splinter wordt erbij gehaald. Het Engels van dit oudere stel is niet veel beter dan ons Deens maar we hebben een leuke babbel. Euro’s vindt hij ook goed en na verbazend lang tokkelen op zijn smartphone wijst hij op het schermpje, 17,40€. Voor een briefje van 20,00€ word ik de dolgelukkige eigenaar van dit handgedraaide houten bordje.

Gezwind fietsen we verder. Korenvelden, een explosie aan schitterende veldbloemen, een idyllisch kerkje, Fur heeft het allemaal. Aangekomen bij het strand, plooien we de fietsjes, hijsen ze in de bijboot en varen terug naar de boot.

Ik schik de schelpen en de steen in het houten schaaltje en houd het tegen het licht. Readymade, hoe zouden de Denen dat zeggen?

Uit de kombuis geklapt. Lemvig en Harre Vig.

Bevoorrading voor een zeilvakantie doen wij in twee keer. Stap één is voor dranken en niet-voeding zoals toiletpapier, keukenrol, poets- en hygiëne-dingen.

Stap twee is voor voeding, van vers over iets langer houdbaar, tot ‘droge’ voeding zoals het in supermarkt-jargon klinkt. Omdat we het vóór vertrek beiden nog druk hebben, maken we gebruik van het onvolprezen Collect & Go systeem, boodschappen online bestellen en afhalen op een tijdstip naar keuze. En we verdelen de taken, waarbij ik de voeding plan en mijn schipper de niet-voeding voor zijn rekening neemt.

Dat zorgt voor verrassingen. Waar ik altijd, ja, echt áltijd, zweer bij niet-bedrukt huishoudpapier, tref ik nu in mijn kombuis keukenrol met een lelijke print van lelijke beertjes in lelijke kleuren. Mijn gevoel voor esthetiek, -overdreven en niet ter zake volgens mijn schipper- wordt op de proef gesteld. Bij het opbergen van de dranken ontdek ik bier in blikken van een halve liter! O gruwel, bier in blikken van een halve liter! Ik associeer ze steevast met joelende voetbalhooligans, en ik haat voetbal. En mijn billen ten slotte, die zal ik moeten vegen met lichtblauwe puppy’s, huppelend op het toiletpapier. Mijn schipper grijnst bij mijn frons, heerlijk vindt hij het om de draak te steken met mij en mijn controledrang.

‘Laat los’, zeg ik tegen mezelf, ‘er is bier, keukenrol én wc-papier, tijd voor vakantie’…

Donderdag 8 juli 2021, voor anker bij Lemvig.

Na een dagje Thyborøn trekken we de Limfjord in. Op zoek naar zen, willen we liever niet in een haven liggen. Na 10 mijl varen laten we het anker vallen in 3,5 m water in de baai naast het stadje Lemvig. De motor gaat uit, de stilte omarmt ons en bij een glaasje wijn genieten we van dat fijne gevoel dat vakantie heet. We proeven de garnalen en de Limfjord oesters die we kochten en het mag gezegd, ze zijn kraakvers. Net als de lotte uit de Fiskebutik…

Maaltijdsoep met lotte, aardappelen, sluimererwtjes en kersttomaat.

Filet van lotte – aardappelen – 1 ui – 1 teentje look – pakje sluimererwtjes – handvol kersttomaten – witte wijn – room – peper en zout

Stoof in een flinke klont boter de fijngesneden ui en look aan. Voeg de in stukjes gesneden sluimererwtjes toe. Schik de kersttomaten erbij. Geef peper en zout. Kook intussen de aardappeltjes gaar. Snijd de vis in stukken, leg ze op de groenten en overgiet met een scheut witte wijn. Laat even garen onder een deksel. Als de vis gaar is, voeg je de aardappelen toe, als ook wat room. Proef en kruid bij indien nodig.

De avond valt. Een boot vaart traag voorbij. Langzaam zakt de zon. En wij liggen roerloos achter ons anker…

Vrijdag 9 juli 2021, voor anker in Harre Vig.

‘…de ideaalste ankerbaai die je je maar kunt voorstellen.’ Zo omschrijft René Vleut Harre Vig in de Vaarwijzer ‘Scandinavië en de Oostzee’. In 2014 kocht ik dit boek en dit is de vierde zeilvakantie waarbij we het gebruiken. Er is inmiddels een herwerkte versie uit, maar we besloten pas op het laatste nippertje om deze kant op te komen, en doen het toch maar met de editie die we hebben.

We hebben 27 mijl gevaren als we via Lysen Bredning en een nauwe doorgang de baai invaren, die veel wijder en minder beschut lijkt dan ik me had voorgesteld. Bij het binnenvaren liggen er twee meerboeien aan stuurboord, maar met de strakke noordoostenwind die er staat is dit geen gezellige optie. Ik mik op de overkant en zo ver mogelijk onder de oever om in de luwte van het land te komen. Las stuurt en ik gids hem, Ipad in de hand, naar het plekje dat ik voor ogen heb. Opnieuw laten we het anker zakken in 3,5 meter water. Opnieuw valt de stilte van zodra de motor uit gaat. We zijn hier helemaal alleen. En we gaan niet ingewikkeld koken vandaag…

Lauwe couscoussalade met zachtgerookte zalm

Een stuk zachtgerookte zalm – couscous – ½ courgette – ½ gele paprika – 2 teentjes look – 1 tomaat – boter – peper, zout, sterk paprikapoeder

Snijd courgette, paprika, en tomaat in piepkleine blokjes. Hak de look fijn. Kook de couscous zoals op de verpakking vermeld. Schud de couscous in een schaal en maak de korreltjes los met een vork. Laat een paar klontjes boter smelten in de couscouskorrels en voeg de rauwe groentjes toe. Kruid met peper en zout en sterk paprikapoeder. Serveer met de zalm.

De enige discussie die je nu nog zou kunnen voeren zou kunnen gaan over wat eigenlijk het mooiste roze is, dat van de vlammende avondlucht of dat van de zachtgerookte zalm…

Thyborøn. Iskunsten, Sneglehuset en de fiskebutik…

Woensdag 7 juli 2021

‘I don’t speak Danish’, zeg ik tegen de dame voor mij. We zijn een gebouw binnengelopen, eigenlijk meer een loods, waar in grote letters het woord Iskunsten op staat en waar we iets met kunst verwachten, een galerij of zo. De kou die ons tegemoetkomt, brengt ons in de war. En wat de dame me vertelt, daar kan ik geen touw aan vastknopen. En dan snappen we het. ‘Is’ is ‘ijs’, natúúrlijk! Dit is een expositie van ijssculpturen. Op vertoon van ons EU Covid certificate kunnen we een kaartje kopen en krijgen een dekentje mee. Misschien geen kunst met grote K, maar toch wel mooi.

Thyborøn. Op het eerste zicht niets bijzonders. Vissersschepen, visverwerkende bedrijven, pakhuizen, een brede hoofdstraat met wat saaie huizen die bijna allemaal in een okerachtig geel geverfd zijn. De gebouwen rond de havenkom zijn dan weer donkerrood. En toch. In en rond de haven is er bedrijvigheid. Ijsjes etende toeristen kuieren rond, schuiven aan voor een boottochtje. Zeehonden spotten, oesters trekken, -de Limfjord oesters zouden een delicatesse zijn-, naar de zonsondergang gaan kijken, het kan allemaal. En net voorbij de haven ligt een hagelwit strandje.

img_6527

Hoog in de helblauwe lucht hangen spierwitte wolken. De strakke zuidenwind, ik schat zo’n vijf beaufort, jaagt door het grijsgroene helmgras van de duinen. Wat is het licht hier mooi en helder. Ooit was hier geen gat in de kustlijn. Toen de zee bij een zware februaristorm in 1825 door de duinen brak, ontstond een doorgang die de regio welgekomen economische mogelijkheden gaf. De opening naar zee werd verbeterd en versterkt en Thyborøn werd wat het nu nog is, een vissershaven.

In 1916, op 31 mei en 1 juni, vond hier de grootste zeeslag van WO I plaats, de Zeeslag bij Jutland. 25 schepen werden hier tot zinken gebracht waarbij 8645 zeelui de dood vonden. Een imposante beeldengroep, verspreid in de duinen, brengt hulde. Ruwe, donkere stenen symboliseren de schepen, daaromheen ranke figuren, bleek en fragiel steken ze af tegen de felblauwe lucht.

Het War museum laten we voor wat het is. Ook het Kystcentret bezoeken doen we niet. We lopen er even binnen maar het is bijna sluitingstijd en er zit nog te veel zee in ons lijf en in ons hoofd.

Steeds mooier wordt de haven van Thyborøn in het zachte avondlicht en de roes van een fles cava. De kant- en klare lasagne uit de oven smaakt als een godenmaal.

Donderdag 8 juli 2021

Passie, is dat niet het mooiste wat er is?

En passie, dat had visser Alfred Pedersen uit Thyborøn. Passie voor zijn verzameling schelpen, meegebracht van talloze reizen over zeeën en oceanen tot in Polynesië toe. In 1949 begon hij er zijn huis mee te versieren, men verklaarde hem gek. Maar onverstoorbaar ging de man door, ruim 25 jaar lang. En creërde met meer dan 10.000 schelpen Sneglehuset, het schelpenhuis. Hij verwerkte ze in allerlei tafereeltjes, verfde ze in fraaie kleurtjes. Lavendelblauw, appelblauwzeegroen en rood. Nog meer schelpen liggen in glazen kasten uitgestald. Poederroze, zachtoker en ivoorwit. Het geheel is aandoenlijk in zijn kitscherigheid.

Een fietstochtje, middagdutje op het strand, even zwemmen, en nu nog wat verse vis halen voor we vertrekken, de Limfjord in.

De Fiskebutik staat me een beetje tegen als we er binnenstappen. Het is er te warm, in een viswinkel verwacht ik koelte. Het ruikt er ook wat te vissig naar mijn zin. Maar de vis in de koeltoog ziet er mooi uit. Opnieuw geen idee waar de Deense benamingen voor staan. We wijzen 4 oesters aan, wat roze garnalen, gerookte zalm en witte vis, dat moet lotte zijn. Havtaske dus. Receptjes volgen!

O ja, nog even het havengeld afrekenen! Alles is geautomatiseerd. Met een havenkaart betaal je liggeld, een waarborg en een krediet voor elektriciteit, douchen of gebruik wasmachine. Bij vertrek worden waarborg en het eventuele saldo van je krediet teruggestort. 119 DKK liggeld en 17 DKK voor de douches? Amper 18,00€…

Impressies van een overtocht

Zeebrugge – Thyborøn – 4 juli tem 7 juli – 380 mijl

We hebben een derde bemanningslid aan boord. Je ziet hem niet maar hoort hem wel. Hij fluit, zoemt en zingt. Ik hoor hem aan bakboord, ik hoor hem aan stuurboord. Soms, als de wind iets anders invalt, lijkt hij te tsjilpen als een vogel. Hij is het meest in zijn nopjes bij voordewindse koersen, dat hoor je. Niets voert hij uit aan boord, maar hij houdt er de sfeer wel in!

In alle weerberichten zien we ze komen. Twee lagedrukgebieden die naderen van op de Atlantische Oceaan, en die zich ergens ten zuiden van Ierland aan elkaar gaan vasthaken om zich dan, schouder aan schouder en met gebundelde kracht door het Kanaal te persen. Als één dikke depressie zullen ze onderweg voor een pak wind zorgen. En misschien is dat niet eens zo slecht! Want de voorspellingen tonen hoe ze hun pad bij aankomst op de Noordzee naar het noordwesten gaan vervolgen. Als wij ten oosten van hun tegenwijzerzin tollende traject blijven, gaan we achtereenvolgens zuidoost, zuid en zuidwestenwind krijgen. En dat is nu precies wat we willen. Dat het veel wind zal zijn, deert ons niet, bij ruime wind is alles anders.

Zondagavond zes uur, we vertrekken uit Zeebrugge. In het westen ziet de hemel er dreigend uit, donkerblauwe massieve wolkenmassa’s rollen hun spierbundels. Maar het waait matig uit het oosten en we hebben er vertrouwen in dat de buien bij ons vandaan zullen blijven. Heel af en toe weerlicht het in de verte, gevolgd door een grommend gerommel.

Eén keer haalt een bui toch kort uit met shiftende wind en striemende regen. Las worstelt aan het roer. Het duurt maar even.

Maandagavond tien uur, de wind is nu zuidwest. In de eerste 24 uur maakten we 138 mijlen op een mooie vlakke zee. Enkel om de Maasmond te kruisen hebben we de motor bijgezet. Het dreigende weer heeft plaatsgemaakt voor gewoon grijs maar aan het eind van de dag klaart het zienderogen op. Hoge windpluimen verschijnen aan de intussen helblauwe lucht, iets later worden dat lage wollige pakken, aan de horizon groeien bloemkolen. Maar de barometer blijft onveranderd op 1000mb hangen. Vlammend zakt de zon in de zee, de lucht gloeit nog lang na in wilde tinten van dieporanje, over felroze tot paars, voorbode van wat komen gaat?

Dinsdagochtend, daar is het. Terwijl de barometer zienderogen daalt, trekt de wind evenredig aan, zuidoost nu. We lopen soepel, de intussen grotere golven die schuin achter inkomen, rollen met gemak onder de boot door. Achter het zakdoekje dat onze gereefde genua nu is, lopen we zeven, acht knopen. De windmeter gaat van 25 knopen naar 35 knopen. We tikken nu en dan ook meer dan 40 knopen aan. We verbazen ons over het comfort aan boord bij ruime wind. In de loop van de dag kruipt de wind meer naar het zuiden en neemt geleidelijk af. Omdat we nu pal voor de wind varen, gaan we rollen en wordt het binnen een klutsboel. Dat stelt niet alleen de zenuwen op de proef maar ook de spieren… Het voortdurend opvangen van de bewegingen van de boot, het is een stiekeme fitness.

Woensdagnacht, het lijkt maar niet donker te worden. Tussen donkere wolkenpartijen zitten lichte stukken lucht, een smal maansikkeltje glanst. In het afgelopen etmaal haalden we 154 mijl, Thyborøn is niet ver meer af, de wind waait matig.

Woensdagochtend, de opnieuw harde zuidenwind voert een stinkende vislucht met zich mee. Het maakt niet uit, we zijn helemaal blij. 63 uur na ons vertrek uit Zeebrugge varen we Thyborøn binnen. We hebben 380 mijl afgelegd!